Even voorstellen

Strafrechtelijk onderzoek

Pensionado-regeling

Inkeerregeling

Contact

Inkeerregeling

Vrijwillige verbetering van buitenlands vermogen (inkeerregeling)

Zoals u wellicht uit de pers heeft vernomen zult hebben is de Belastingdienst enige tijd geleden gestart met
een onderzoek naar buitenlands onroerend goed. Volgens de Belastingdienst hebben vele duizenden
Nederlanders, al dan niet bewust, hun buitenlandse woning niet opgegeven. Wanneer u de Belastingdienst
verzoekt om uw belastingaangiften met terugwerkende kracht te corrigeren dan komt u er met een kleine boete vanaf. Wanneer u dit niet doet dan loopt u de kans op 300 procent boete! Door de steeds verdergaande
Europese fiscale samenwerking zal het steeds moeilijker worden om uw bezit buiten het zicht van de
Nederlandse fiscus te houden
. Ik adviseer u gebruik te maken van de inkeerregeling; dan komt u er zonder boete vanaf.

 

Wat houdt de inkeerregeling in?

Als belastingplichtige kunt u voorkomen dat de fiscus u boetes oplegt of dat het Openbaar Ministerie een strafrechtelijk onderzoek instelt. In beginsel bestaat de sanctie uit het opleggen van boetes tot een maximum  van 300% van het bedrag aan te betalen belasting.

De boete wordt niet opgelegd als u als belastingplichtige alsnog een volledige aangifte doet van uw niet eerder aangegeven buitenlands vermogen, vóórdat u weet of redelijkerwijs kunt vermoeden dat de Belastingdienst met  de onjuistheid bekend is of zal worden.

Door gebruik te maken van de inkeerregeling voorkomt u niet alleen dat u zonder problemen kunt beschikken over uw buitenlands vermogen, maar ook dat u uw nabestaanden niet opzadelt met een fiscaal probleem.

 

Wanneer kunt u gebruik maken van de inkeerregeling?

Het Openbaar Ministerie en de Belastingdienst stellen zich op het standpunt dat u in de volgende gevallen op tijd gebruikt maakt van de inkeerregeling:

· De inspecteur heeft u nog geen vragen gesteld over buitenlandse vermogensbestanddelen.

· De inspecteur heeft nog geen boekenonderzoek bij u aangekondigd, waarbij de buitenlandse vermogensbestanddelen ontdekt kunnen worden.

· De FIOD-ECD heeft u nog niet gemeld dat er een onderzoek tegen u loopt in verband met buitenlandse vermogensbestanddelen.

· U heeft wellicht een vermoeden dat de inspecteur uw niet aangegeven buitenlandse vermogensbestanddelen op het spoor is of binnenkort zal komen, maar de inspecteur beschikt over geen enkele informatie.

 

Buitenlandse spaartegoeden

Tot en met 2000 werd, afgezien van de rentevrijstelling, de rente over uw spaartegoeden progressief belast, oplopend tot maximaal 60%!

Indien u een spaartegoed in het buitenland had met een saldo van € 100.000, waarop u 4% rente (€ 4000) ontving, kon de belastingheffing over deze rente, afgezien van de rentevrijstelling, oplopen tot maximaal  € 2400.

Uw spaartegoed in het buitenland behoort vanaf 2001 tot de zogenoemde rendementsgrondslag van box 3. Over  de gemiddelde waarde van het spaartegoed is, afgezien van vrijstellingen, jaarlijks 1,2% belasting verschuldigd  (de vermogensrendementsheffing).

Behalve in het saldo van uw buitenlandse bankrekening is de Belastingdienst ook geïnteresseerd in de herkomst van dit tegoed. Is de herkomst van dit tegoed afkomstig uit Nederlands inkomen (b.v. zwarte omzet) dan mag de Belastingdienst een navorderingsaanslag opleggen over de afgelopen 5 jaar.

 

Buitenlandse bronbelasting

Over de ontvangen rente uit bepaalde landen is soms ook buitenlandse belasting verschuldigd. Deze zogenoemde bronbelasting mag u volgens de meeste verdragen verrekenen met de in Nederland verschuldigde belasting.

Een voorbeeld zal deze methode verduidelijken:

Stel u heeft een spaartegoed in het buitenland met een saldo van € 100.000, waarop u 4% rente (€ 4000) ontvangt. Uw totale vermogen in box 3 bedraagt € 300.000.

Afgezien van vrijstellingen bedraagt de inkomstenbelasting in box 3 derhalve 1,2% van € 300.000, zijnde € 3600.

De verschuldigde belasting die betrekking heeft op uw spaartegoed in het buitenland bedraagt 1,2% van € 100.000, zijnde € 1200.

Stel dat in het buitenland 10% bronbelasting wordt geheven. Deze 10% van € 4000, zijnde € 400, mag u  vervolgens verrekenen met de € 1200 aan belasting die u in box 3 verschuldigd bent over dit spaartegoed.
Dit ter voorkoming van dubbele belastingheffing.

 

Vrijstelling

U moet uw buitenlandse vermogen vermelden in uw aangifte inkomstenbelasting als u belastingplichtig bent in Nederland én uw vermogen boven de vrijstelling uitkomt. Deze vrijstelling verschilt per jaar en bedraagt:

voor 2001: € 17.600 (of € 35.200 als u een fiscale partner heeft);

voor 2002: € 18.146 (of € 36.292 als u een fiscale partner heeft);

voor 2003: € 18.800 (of € 37.600 als u een fiscale partner heeft);

voor 2004: € 19.252 (of € 38.504 als u een fiscale partner heeft);

voor 2005: € 19.522 (of € 39.044 als u een fiscale partner heeft).

voor 2006: € 19.698 (of € 39.396 als u een fiscale partner heeft).

 

Buitenlands onroerend goed

Moet ik inkomstenbelasting in box III betalen over mijn 2e woning in het buitenland?

In veruit de meeste gevallen geldt de aftrek ter voorkoming van dubbele belasting en hoeft over de 2e woning
in het buitenland per saldo geen inkomstenbelasting te worden betaald.

Onder de huidige Wet IB 2001 zal een 2e woning vrijwel altijd behoren tot de grondslag van box III. 
Woningen in box III moeten in beginsel worden gewaardeerd tegen de waarde in het economische verkeer,
waarbij het gemiddelde van de waarde op 1 januari en 31 december van een kalenderjaar moet worden
aangegeven. Op grond van het arrest De Groot is het bedrag ter voorkoming van dubbele belasting gelijk aan het bedrag van de bijtelling.

 

Wanneer moet ik wel inkomstenbelasting betalen over mijn 2e woning in het buitenland?

In een enkel bijzonder geval moet u wel inkomstenbelasting in box III betalen over uw 2e woning in het
buitenland. Wanneer u eigenaar bent van een woning in het buitenland waarmee Nederland geen belasting-
verdrag heeft gesloten – zoals Liechtenstein en Andorra – moet beoordeeld worden of Nederland voorkoming
van dubbele belasting moet verlenen. Omdat dit een hoge uitzondering ga ik hierop niet verder in.

Tot 2001 kan het zijn dat u over de waarde van uw 2e woning in het buitenland  en over eventuele huuropbrengsten premieheffing (in de vorm van een aanslag inkomstenbelasting/premieheffing) moet betalen.
De aftrek ter voorkoming van dubbele belasting geldt n.l. alleen voor de inkomstenbelasting en niet voor de premieheffing.

 

Conclusie

Geconcludeerd kan worden dat u in veruit de meeste gevallen over de waarde van de 2e woning in het buitenland geen inkomstenbelasting in box III bent verschuldigd. Wel zal de Belastingdienst van u willen weten wat de herkomst is van het geld dat u heeft gebruikt voor de aankoop van deze woning. U moet daarom de 2e woning
in het buitenland vermelden in uw aangiftebiljet inkomstenbelasting. Heeft u dat in het verleden niet gedaan, dan raad ik u aan gebruik te maken van de inkeerregeling.

 

 

Wilt u meer weten over de inkeerregeling dan verwijs ik u naar mijn speciale website: www.inkeer.nl .

Tekstvak:  Financieel OnderzoeksBureau Apeldoorn